Alle berichten van Johan Deckmyn

Deinze krijgt afdelingsvlag

Op donderdag 14 december kwam het Vlaams Belang in Deinze bijeen om de militanten en kaderleden te bedanken die de afgelopen gemeenteraadsverkiezingen ervoor gezorgd hebben dat het Vlaams Belang liefst twee nieuwe gezichten naar de gemeenteraad van Deinze kan sturen. Deze avond ging door in café Derby (op den dries aan de gaversesteenweg) in Petegem.

Lijsttrekker en afdelingsvoorzitter Luc Goeminne verwelkomde de aanwezigen en hield een korte toespraak waarin hij de inzet van vele leden en militanten in Deinze prees. Op de zijn gekende stijl bedankte dokter Goeminne enkele mensen in het bijzonder, zonder wie de campagne in Deinze wellicht niet mogelijk was geweest.

Daarna nam Vlaams volksvertegenwoordiger en regiovoorzitter Johan Deckmyn het woord, die het succes van de partij in de stad Deinze benadrukte en de aanwezigen opriep om verder te werken in de richting van een nieuwe verkiezingsoverwinning. Als regiovoorzitter maakte Johan Deckmyn samen met regiobestuurslid Michel Roelens van de gelegenheid gebruik om aan dokter Luc Goeminne de nieuwe afdelingsvlag voor het Vlaams Belang in Deinze te overhandigen. Nadien volgde nog een gezellige receptie.


Johan Deckmyn spreekt in Destelbergen

Op vrijdagavond 21 april hield het Vlaams Belang in Destelbergen voor het eerst een lentereceptie. Aangezien er in de regio Gent-Eeklo al heel wat etentjes plaatsvinden besloot de plaatselijke afdeling om eens voor een alternatief avondje te zorgen onder de vorm van een lentereceptie. Deze formule bleek succes te hebben. Meer dan vijftig leden- en sympathisanten kwamen opdagen! De avond vond voor de eerste maal ook plaats in het gezellige “Casa Del Locos” aan de dendermondsesteenweg in Destelbergen. Naast enkele gratis drankjes waren ook typische mexicaanse “tapas” voorzien, hartige hapjes die naar waarde werden gesmaakt.

Geert Goubert, voorzitter van het Vlaams Belang in Destelbergen trok de avond op gang en schetste de evolutie van de partij in Destelbergen de laatste jaren en bedankte de bestuursleden en onze twee gemeenteraadsleden voor het vele werk dat ze de laatste jaren hebben geleverd. Het is immers slechts dankzij deze inzet dat het Vlaams Belang – ook in Destelbergen – een factor van belang blijft.

Regiovoorzitter en Vlaams volksvertegenwoordiger Johan Deckmyn had het in zijn speech vooral over de komende verkiezingen en de politieke actualiteit. Op zijn beurt bedankt hij ook de plaatselijke leden en sympathisanten voor hun enthousiasme en hij beklemtoonde dat er met het oog op de verkiezingen van 8 oktober nog werk aan de winkel is. Verkiezingen worden immers gewonnen door de inzet van iedereen.

Johan Deckmyn wenste Geert Goubert, als lijsttrekker van het Vlaams Belang in Destelbergen, veel succes toe met de komende verkiezingen en stelde ook de eerste vrouw op de lijst – Martine Uytersprot – aan het talrijk opgekomen publiek voor.


Links Vlaams-nationaal maandblad Meervoud interviewt Johan Deckmyn


Vlaams parlementslid Johan Deckmyn raakte recent in het nieuws vanwege het feit dat hij op een ABVV-receptie geheel en al officieel namens het Vlaams Belang een cheque van 1000 euro kwam overhandigen aan de Gentse dokwerkers, als steun voor de vakbondslui die tijdens de acties in Straatsburg tegen de havenrichtlijn werden opgepakt en berecht. Het Vlaams Belang bewijst hiermee dat de partij goed is ingeplant in de arbeidersmiddens van het Gentse havengebied, met wie Deckmyn goede contacten onderhoudt.

Toch is Deckmyn geen ‘linkse rakker’. De man is 38 jaar jong, een dynamisch ondernemer en vennoot in een informaticabedrijfje. Hij werpt zich dan ook graag op als KMO-man (Kleine en Middelgrote Ondernemingen) van het Vlaams Belang. Sedert 1995 zetelt hij in de Gentse gemeenteraad. Daardoor kreeg hij een mandaat als beheerder van de Gentse Haven. Hij is arrondissementeel voorzitter van het Vlaams Belang in de regio Gent- Eeklo. In 2004 werd hij verkozen in het Vlaams parlement.

Meervoud toetste een aantal sociaal-economische standpunten af.

– Op een VVB-debat in Antwerpen verklaarde uw collega Jan Penris dat het Vlaams Belang op ethisch vlak rechts staat, dus veel belang hecht aan wet en orde, maar op sociaal-economisch vlak een linkse partij is. Kunt u zich daarin herkennen?

Johan Deckmyn: Ikzelf ben een middenstander, ik kom uit KMO-middens. Ik verdiep mij dan ook in de typische KMO-problematiek. Vlaanderen is trouwens een KMO-land. Ik zou het niet zover drijven om het Vlaams Belang economisch links te situeren. Maar het is zeker zo dat wij geen harde liberale partij zijn, hoewel men ons zo probeert af te schilderen. OK, er zijn wel een aantal liberale hardliners, zoals Alexandra Coolen en haar echtgenoot Paul Beliën, maar binnen de partij leven verschillende visies die we recent tijdens ons economisch congres hebben trachten te overbruggen. Samengevat zou ik stellen dat het Vlaams Belang zeker geen harde liberale koers vaart, maar een economisch beleid voorstaat dat KMO-vriendelijk is en natuurlijk sociaal gecorrigeerd is. We zijn zeker voor sociale correcties maar ook voor ecologische correcties. Dat is een problematiek die ook leeft in onze partij. Ik word daarover bevraagd door de militanten. We moeten er zeker voor zorgen dat onze nazaten in een ‘schoon’ Vlaanderen kunnen leven. Daartegenover staat een bekommernis om de werkgelegenheid. Als er voor de uitbouw van de haven van Gent een paar bomen moeten sneuvelen, zal ik dat niet aan mijn hart laten komen. Er kunnen dan desnoods ‘groencompensaties’ komen, al kun je ook daar niet te ver in gaan.

Zo blijkt dat de ‘habitat-richtlijn’ tegenwoordig de expansie van de haven van Zeebrugge in de weg staat, omdat bepaalde zones die als havenuitbreidingsgebied waren ingekleurd nu toch moeten open blijven als vogelbroedplaats.

– Sinds een tiental jaren organiseert het Vlaams Belang eigen 1-meivieringen. Bij de eerste editie was dat een huldiging van het standbeeld van priester Daens in Aalst, toen Philip Dewinter aan het adres van de socialistische partij verklaarde: ‘gisteren hebben we uw kiezers afgepakt, vandaag pakken we uw symbolen af, morgen zullen we uw macht afpakken.’ Wat is het belang van deze symbolenstrijd voor u?

Johan Deckmyn: Symboliek is erg belangrijk. De eerste sterke doorbraak van het Vlaams Blok is er gekomen toen we een opening kregen naar de arbeidersklasse. Ik vind het zeer belangrijk dat we die doorbraak gerealiseerd hebben. Zelf heb ik zeer veel contact met arbeiders, en ik merk dat we de arbeiders Vlaamsvoelend gemaakt hebben. Iedereen weet ook wel dat het arbeiderspubliek in de eerste plaats bij ons is gekomen omwille van de veiligheidsproblematiek en omwille van de problemen met immigranten. Toch is gebleken dat zij ook een Vlaamse reflex hebben, wat trouwens niet meer is dan een reflex van zelfbehoud: de vreemdelingenproblematiek sluit daar nauw bij aan. Ik denk dat we als partij op die manier de Vlaamse beweging een ruimer draagvlak bezorgd hebben. Dat we ons bedienen van de symboliek van de arbeidersklasse is de uitdrukking van het feit dat we hoegenaamd niet beschaamd zijn dat we die mensen aanspreken. Ons discours is niet plots gewijzigd. We zijn de partij van de man in de straat. We komen ook op voor het recht op arbeid. Het is dus logisch dat we 1-meivieringen houden.

– Maar als ik de documenten lees die uit jullie economisch congres voortkomen, heb ik toch vaak de indruk dat die geschreven zijn op studiediensten van het VOKA of het VBO. Het lijkt meer een pleidooi om de ondernemerswereld tegemoet te komen. Er staat weinig in over de factor arbeid in het economisch proces.

Johan Deckmyn: In onze congresteksten staat daar zeker ook een en ander over. Maar zoals ik zei, Vlaanderen is een KMO-land. Het is waar dat ook multinationals in Vlaanderen voor jobs zorgen, daar moeten de werknemersbelangen natuurlijk goed verdedigd worden. Maar de economische groei van Vlaanderen wordt toch vooral door de KMO’s gerealiseerd. Die initiatieven moeten gestimuleerd worden, ten gunste van de werkgelegenheid in de honderden, duizenden KMO’s die Vlaanderen rijk is. Dat is wezenlijk voor onze toekomst. Die KMO’s hebben het nu echter zeer moeilijk. Als ik dan in mijn bedrijf zie wat de loonbrieven zijn, en wat de werknemers uiteindelijk overhouden, dat is een indrukwekkende loonwig. De KMO’s worden verstikt door die loonlasten.

– Het onderscheid tussen de rol van de KMO’s en die van de multinationals is inderdaad wezenlijk. Bij de KMO’s spelen de loonlasten een grote rol, maar bij de multinationals is die factor veel minder belangrijk (Bij Ford Genk bijvoorbeeld amper 7%).

Johan Deckmyn: Dat ligt gedeeltelijk anders voor de multinationals, maar we moeten er toch voor zorgen dat ook voor die bedrijven het ondernemingsklimaat goed blijft. Vergeet toch niet dat de eerste boom van onze economie in de jaren zestig juist te danken was aan de vestiging van heel wat multinationale ondernemingen in Vlaanderen. We hebben hen toen kunnen aantrekken dank zij een heel gunstig fiscaal regime. Het probleem is dat dit gunstig klimaat achteruit gegaan is. We mogen niet blind zijn voor het feit dat we in een Europees verband leven, en dat er ook binnen Europa een vlucht is naar lage loonlanden. Overigens, het valt me op hoe sterk de traditionele linkerzijde sympathiseert met de multinationals. Er worden vaak deals gesloten, afspraakjes gemaakt waarvan ik me dan afvraag of het wel om arbeidsbelangen gaat.

– U zegt dat de loonlasten het belangrijkste probleem zijn voor de KMO’s. Maar is de tanende investeringszin niet evenzeer toe te schrijven aan het gebrek aan beschikbaar investeringskapitaal op de binnenlandse markt? Wie kan er nog een lening krijgen aan redelijke voorwaarden?

Johan Deckmyn: De loonlasten zijn een probleem, maar de overheid doet ook weinig om mensen warm te maken om te ondernemen. De laatste jaren nemen mensen hoe langer hoe minder het initiatief. Men zou via het onderwijs veel meer de boodschap moeten meegeven wat de pluspunten zijn van zelfstandig ondernemerschap. Anderzijds zijn er heel wat obstakels die het investeren in de weg staan. Ik geef een voorbeeld: vroeger moest je om een BVBA op te richten een minimum-kapitaal van 750.000 frank voorzien, waarvan slechts 1/3 moest volstort worden. Als jonge, pas afgestudeerde starter was het dus niet zo’n probleem om een eigen bedrijfje op te richten. Maar de regering besliste kort geleden dat het voortaan 2/3 moet zijn. Dat is maar een voorbeeld van de vele kleine hinderpalen die de overheid tegen de ondernemers opwerpt.

– We stellen toch vast dat de regering voor miljoenen en miljoenen lastenverlagingen doorvoert ter wille van het grote bedrijfsleven. Dat geld verdwijnt dan meestal naar pensioenfondsen of als opslag voor de topmanagers. Maar intussen gaan wel vele KMO’s failliet, die juist zeer arbeidsintensief zijn.

Johan Deckmyn: De economische stimulansen van de regering zijn soms lachwekkend. Een nieuwe maatregel is nog maar pas afgerond, of de quasi-officiële omzeilingsscenario’s worden al klaargestoomd. Nog zo’n voorbeeld uit de praktijk: onlangs werd in ons paritair comité een loonsopslag van 18 euro overeengekomen die zou ingaan op 1 januari. Maar in de maanden die daaraan voorafgingen werd ik door verschillende instanties benaderd, hetzij door maatschappijen die maaltijdcheques verhandelen of groepsverzekeringen doen. Alle mogelijke formules werden aangereikt om de lasten op de loonsverhoging te ontwijken. Als we de 18 euro gewoon in het loonzakje stoppen, dan houdt de werknemer er amper 7 euro van over. We hebben dan voor een groepsverzekering geopteerd.

– Groepsverzekeringen die worden aangereikt door grote maatschappijen… Dat is dan ook weer een versluizing van loon uit arbeid naar machtige ondernemingen.

Johan Deckmyn: Dat is juist. Je kunt je dan afvragen of we niet beter de loonlasten verlagen zodat de mensen zelf kunnen beslissen op welke manier ze aan pensioensparen kunnen doen.

– Ik wil even terugkomen op de geringe beschikbaarheid van investeringskapitaal als gevolg van de vrijmaking van het internationaal kapitaalverkeer. Toen minister Reynders enkele jaren terug een reglement wou laten goedkeuren dat de Belgische beleggingsfondsen zou verplichten om 30% van hun middelen te beleggen in Belgische waarden en dus investeren in de eigen economie, werd hij teruggefloten door de Europese Commissie. Wat vindt u daarvan?

Johan Deckmyn: Tja, de Europese Commissie weegt blijkbaar vaak met twee maten en twee gewichten. Europese regels maken investeringen in de eigen economie onmogelijk, daar heb ik mijn bedenkingen bij. Maar men trekt het niet door. Kijk maar wat er nu gebeurt met de fusie van Suez en Gaz de France. Als het nationaal belang van een bepaald land in het geding is gelden de Europese regels plots niet meer. Ik ben benieuwd wat de Europese Commissie nu zal doen? Gaan ze hen verplichten om SPE af te stoten? Dat wil ik wel zien gebeuren.

– In hoeverre komen de lasten van dit energiemonopolie nu op de rug van niet alleen particuliere gezinnen, maar ook van kleine en middelgrote ondernemingen?

Johan Deckmyn: Tja, dat heb ik nog maar pas op mijn eigen website gezet. U zult nu wel denken dat ik als een loutere KMO-man optreed, maar het is natuurlijk ook de man in de straat die het gelag zal betalen.

– Zullen we het nu over de haven hebben? Ons valt het op dat het beheer van de haven van Antwerpen grotendeels in buitenlandse handen is…

Johan Deckmyn: Van PSA, de Singaporese havenautoriteiten, inderdaad…

– Als ik het discours van het Vlaams Belang hoor i.v.m. soevereiniteit, vind ik het vreemd dat een dergelijke evolutie door het VB niet in vraag gesteld wordt. Men wil Vlaams zelfbestuur, maar de belangrijkste economische infrastructuur zit in buitenlandse handen…

Johan Deckmyn: Dat staat los van de soevereiniteit van Vlaanderen. Binnen België zit je met hetzelfde probleem en zelfs in Europees verband. Het is een terechte bezorgdheid om de eigen economie niet te laten domineren door monopolieposities, zoals nu gebeurt in de reeds aangehaalde energiesector. We moeten dus ook kijken hoe het zit bij de havens. Maar ik pleit helemaal niet tegen één bepaalde groep of groepen. We moeten in eerste instantie kijken naar maximale tewerkstelling voor de man in de staat. Er zijn al genoeg internationale bedrijven die ons land ontvluchten. Daarom vind ik niet dat men het moeilijker moeten maken voor bepaalde bedrijven die hier wel investeringen doen.

– Op den duur moeten we aan Chinese lonen gaan werken…

Johan Deckmyn: Dat heb ik niet gezegd. Ik pleit voor maximale tewerkstelling. Het is juist de taak van de overheid om voor regelgeving te zorgen, om voor sociale correcties te zorgen, het loonpeil te handhaven… Maar wel met minder loonlasten.

– Het Vlaams Belang steunde ook de acties van de Vlaamse dokwerkers tegen de Europese Havenrichtlijn. U bent zelfs, volgens De Morgen, onverhoeds op een podium gesprongen tijdens een ABVV-nieuwjaarsdrink van de Gentse dokwerkers om hun een ‘namaakcheque’ te bezorgen…

Johan Deckmyn: (lacht smakelijk) Zo is het natuurlijk niet gegaan. Het zit zo: mijn bedrijf is gevestigd in het Gentse havengebied en als gemeenteraadslid ben ik ook bestuurder van de haven. Door deze en andere omstandigheden kom ik zeer regelmatig met dokwerkers in contact. Van in den beginne waren er trouwens dokwerkers die het Vlaams Blok genegen waren, al waren ze toen nog niet zo talrijk. Vandaag de dag kan ik rustig stellen dat we bij de meeste dokwerkers kind aan huis zijn, zeker bij het ABVV maar ook bij het ACV. Wat nu het podiumverhaal betreft: ten eerste, er was daar helemaal geen podium. Ten tweede: Francis Vanden Eynde en ikzelf waren nog niet binnen, of we werden al omringd door dokwerkers die ons kennen, die pinten haalden voor ons. Ik zag Martine De Regge, de socialistische schepen van sociale zaken, wiens gezicht meteen tot op de grond viel, net zoals dat van SP.A-provincieraadslid Marc Lootens. Dan volgde een toespraak van Georges Maes, voorzitter van de transportbond. Hij riep op tot solidariteit met de kameraden die tijdens de acties in Straatsburg waren opgepakt. Hij deelde mee dat er een collectebus was waar de leden een bijdrage konden in stoppen én zei hij: “We hebben een heel interessant bedrag gekregen van het Vlaams Belang.” Toen kwam ik met de fameuze ‘namaakcheque’ te voorschijn en hebben we die officieel overhandigd, en een fotootje gemaakt. Dat was natuurlijk genant voor Marc Lootens, die voelde dat de sympathie in de zaal oversloeg naar het Vlaams Belang, die vroeg en kreeg daarop het woord om ook een kleine toespraak te houden. Hij kon het natuurlijk niet maken om ons aan te vallen, maar beklemtoonde dat ook de socialisten er staan voor de arbeider. Hij trachtte de meubelen te redden.

– Wat zien de dokwerkers in jullie, wat ze bij de socialisten niet meer terugvinden?

Johan Deckmyn: Wij verdedigen het belang van de werkmens. Wij vertalen ons programma in propaganda die we aan de man brengen. Veiligheid is essentieel, de vreemdelingenproblematiek is essentieel. En ook de bescherming van de belangen van de dokwerkers. We stonden al op de bres bij de eerste versie van de richtlijn van De Palacio. De mensen wéten dat ook. Door het cordon sanitair waren wij gedwongen om direct en snel te communiceren met de achterban, en met de man in de straat. In dat opzicht is de mediaboycot een zegen voor ons geweest. We moesten technieken vinden om de mensen op de hoogte te brengen van de zaken waar we écht voor staan. Er wordt zoveel over ons verteld. Vandaar de directe communicatie. Zelf ben ik iemand die me niet alleen in werkgeverskringen ophoud. Ik begeef me ook onder de dokwerkers, ik ga naar de voetbal… Ik sta tussen de mensen, iets wat lang niet van alle parlementsleden kan gezegd worden.

– Kunnen die dokwerkers dan leven met een partij die bijvoorbeeld een Freddy Vangaever koestert, iemand die toch zijn afkeer voor de syndicale actie niet onder stoelen of banken steekt? Of een zekere Van Buggenhout (docent economie aan de proviciale hogeschool Limburg) die op een colloquium van het Vlaams Belang oproept om de zogenaamde dictatuur van de vakbond aan te pakken?

Johan Deckmyn: Die laatste opmerking is niet terecht. Van Buggenhout heeft zeker niet het standpunt van het Vlaams Belang weergegeven, die sprak daar in eigen naam. Die vertolkte een visie waar heel wat mensen zich niet mee konden verzoenen. Wat betreft Freddy Vangaever, dat is een ondernemer, die natuurlijk vanuit zijn eigen perspectief handelt. Dat geldt ook voor mezelf als KMO-man. Maar er zijn heel wat mensen in het Vlaams Belang die uit arbeidersmiddens komen en vanuit nog andere invalshoeken vertrekken. Ik denk dat het Vlaams Belang er goed in gelukt is om vanuit alle geledingen van de maatschappij tot een mooie visie te komen zoals die dan is neergeschreven in de besluiten van ons economisch congres. Vangaever legt natuurlijk iets andere klemtonen dan ik of anderen in de partij.

– Hoe sta je tegenover de pleidooien van ACV en ABVV om ook in KMO’s een syndicale vertegenwoordiging af dwingen? Wij denken dat dit nodig is. Bij sommige verlichte kmo-bedrijfsleiders kan dit misschien minder problemen geven, omdat zij doen wat nodig is voorde werknemers. Maar in sommige kmo’s heersen nog middeleeuwse, 19e eeuwse toestanden van uitbuiting, zwartwerk, slechte arbeidsomstandigheden, lage lonen… Een sterke vakbondsaanwezigheid zou daaraan wat kunnen doen denken we.

Johan Deckmyn: (lacht) Ik zou bijna zeggen dat het een smerige vraag is… Persoonlijk ben ik daar niet voor.

Ik vind dat werknemers ten volle moeten beschermd worden. Maar op het niveau van een KMO vind ik een syndicale vertegenwoordiging ongewenst. Als een bedrijfsleider in een simpele KMO niet overweg kan met zijn werknemers… Een van de belangrijkste kwaliteiten van een bedrijfsleider is met mensen kunnen omgaan. Als je de winst wil maximaliseren, moet je ervoor zorgen dat uw werknemers zich goed voelen in het bedrijf. Op die manier kun je de productiviteit opdrijven. Een werknemer die zich niet goed voelt in het bedrijf, zal minder loyaal zijn, minder presteren. Dat merkt de baas dan maar pas in de jaarcijfers. Dat vind ik de juiste invalshoek om naar een KMO te kijken. Als je het hebt over een vakbondsvertegenwoordiging, dan betekent dat meteen een beschermde delegee. Die is dan eigenlijk baas onder de baas. Dat vind ik niet gezond. Kijk, we vinden dat de vakbonden zich moeten houden aan het behartigen van de belangen van de werknemers, maar wij hebben een probleem met vakbonden die zich ontpoppen als politieke machtsblokken. Stel dat de vakbonden binnen de KMO’s worden uitgebouwd, dan kunnen ze bij algemene politieke acties, alle KMO’s van Vlaanderen gaan lamleggen.

– Uw partij heeft ook een probleem met het feit dat vakbonden geen rechtspersoonlijkheid hebben.

Johan Deckmyn: Dat vind ik wel ja.

– Nochtans zijn de meeste activiteiten van vakbonden nu reeds ondergebracht in het kader van vzw’s. Alleen de lidmaatschappen en de stakingskas staan daarbuiten.

Johan Deckmyn: Het is toch komisch dat we nu in tijden leven dat alles moet geweten zijn, alles moet gekend zijn, heel recent de lonen van de topmanagers, en blijkbaar moeten er daar geheimen blijven bestaan. Ik blijf er bij dat de vakbonden bij ons zwaar gepolitiseerd zijn, verweven met de politieke partijen. Onze militanten worden bij de vakbonden buitengesmeten. Iemand buitensmijten met een andere huidskleur dat mag niet, maar iemand met een verkeerde politieke kleur royeren, dat mag wel. Ook vind ik niet dat vakbonden de aangewezen instanties zijn om werkloosheidsvergoedingen uit te keren, en daarvoor betaald worden, terwijl we tegelijk een administratie in stand houden, de Hulpkas voor Werkloosheidsuitkeringen, die hetzelfde werk doet. Vakbonden die werkloosheidsvergoedingen uitkeren… Waar bestaat dat nog in de wereld? Deze vormen van kritiek op het vakbondswezen komen ons wel duur te staan. Wij bedreigen inderdaad een aantal machtsposities. We vinden dat zij moeten terugkeren naar het essentiële: het verdedigen van de belangen van de werknemer. Dat gaat ook mét rechtspersoonlijkheid. En dat gaat ook als je niet verantwoordelijk bent voor de werkloosheidsuitkeringen.

– Toch blijft het Vlaams Belang dwepen met de neocons, met het economisch beleid van Bush dat een hard neoliberaal beleid verdedigt, waar alleen de managers en aandeelhouders beter van worden terwijl de werknemers nauwelijks sociale rechten hebben, laat staan sociale zekerheid…

Johan Deckmyn: Nu verwijst u weer naar de stellingen van Alexandra Coolen en Paul Beliën. Dat is niet de mainstream van onze partij.

– Gerolf Annemans vergeleek het economisch programma met het solidaristisch project van het VNV…

Johan Deckmyn: Met het solidarisme heb ik in wezen geen probleem. Solidarisme, corporatisme, in feite zijn de vakbonden, het ACV van na de oorlog daar zelf van doordrongen.

Heel ons staatsmodel is daar voor een stuk op geënt. Dus voel ik me niet zo slecht met onze genuanceerde kijk daarop.

Eetfestijn Vlaams Belang Gent: grote opkomst!

Op vrijdag 17 maart organiseerde het Vlaams Belang afdeling Gent in Mariakerke een etentje in het dienstencentrum Claeys-Bouüaert.

Het etentje stond in het teken van de komende gemeente- en provincieraadsverkiezingen. Het werd een verzorgde en gezellige avond waar leden en sympathisanten konden genieten van beenhesp of kalkoen met groenten en frieten.

Ondanks het grote aantal aanwezigen verliep de organisatie vrij vlot, niemand hoefde echt lang te wachten. Dit was voor een groot stuk te danken aan de leden van het Gentse afdelingsbestuur die tijdens deze avond de handen flink uit de mouwen staken.

Volksvertegenwoordiger Francis Van den Eynde hield een korte toespraak die uiteraard in het teken stond van de komende verkiezingen in Gent.

Na een tombola met meer dan 200 prijzen zorgde Jan Janssens (alias Jan Trekzak) met zijn accordeon voor heel wat sfeer. Op bekende deuntjes kreeg hij zonder moeite de hele zaal aan het zingen.

Het werd voorts nog een gezellige avond die tot in de vroege uurtjes duurde.

Vlaams Belang schenkt 1.000 euro aan opgesloten dokwerkers

Een delegatie van Vlaams Belang, met kamerlid Francis Van den Eynde en Vlaams volksvertegenwoordiger Johan Deckmyn, heeft zondag op de nieuwjaarsreceptie van de Belgische Transportarbeidersbond BTB in de Gentse haven een bedrag van 1.000 euro overgemaakt om de gevangen dokwerkers in Straatsburg te ondersteunen.

Het bedrag werd in ontvangst genomen door vakbondssecretaris Georges Maes, aldus Johan Deckmyn. Volgens hem konden de aanwezige dokwerkers de steun vanuit het Vlaams Belang erg appreciëren.

Geen commentaar

Marc Loridan, federaal secretaris van de socialistische transportbond BTB, zei dat hij niet op de hoogte was van de schenking door het Vlaams Belang. Hij zei verwonderd te zijn dat men het geld aanvaard had, maar wenste verder geen commentaar te geven zolang hij zich niet geïnformeerd had over de zaak.

De socialistische vakbond ABVV heeft zich steeds hevig gekant tegen het Vlaams Belang. Vakbondsleden die actief zijn binnen het Vlaams Belang, worden meestal meteen uit de vakbond gezet